Schemerleven

Intiem stilleven

Dicht op de huid geschreven levensverhaal van een 81 jarige vrouw met een schrijnend geheim.

Wanneer de echtgenoot van Frieda Tendeloo tegen alle verwachtingen eerder overlijdt dan zij, verhuist ze naar een verzorgingshuis. Louis was haar mantelzorger. Frieda’s enige zoon Tobias en zijn vriendin Nadine staan op het punt ouders te worden. Waar Frieda zich bewust wordt van eindigheid is haar zoon gefocust op een nieuw leven en dat zorgt voor wrijving. De blijdschap van het jonge stel rond de zwangerschap legt bij Frieda een trauma bloot dat ze voor iedereen heeft verborgen.

In de winter van 1963 ontmoet de jonge en naïeve Frieda Otto Drehmann, een getrouwde man die tien jaar ouder is. Ze krijgen een passionele affaire. Wanneer Frieda zwanger raakt wordt het haar duidelijk dat Otto zijn huwelijk, zijn baan op de universiteit en zijn positie in de kerk niet opgeeft voor een nieuw leven met haar. Zowel Otto als Frieda’s ouders laten haar in de steek en ze belandt in het parallel universum van een gevallen vrouw …

Auteur

Jaap Robben (Oosterhout, 1984) is een Nederlandse schrijver/dichter en theatermaker. Na zijn studie Milieu-Maatschappijwetenschappen ging hij naar de Koningstheater Academie in Den Bosch. Van september 2008 tot oktober 2010 was hij de Stadsdichter van Nijmegen. Hij vero  verde met zijn romandebuut Birk boekhandel, lezer en recensent. Het boek werd bekroond met de Nederlandse Boekhandelsprijs, de Dioraphte Literatour Publieksprijs en de ANV Debutantenprijs. Er wordt gewerkt aan een verfilming. Ook Robbens poëzie, verhalen en prentenboeken voor kinderen worden door een groot lezerspubliek omarmd. Inmiddels verschijnen zijn boeken in tien talen.

Zowel de jeugdige Frieda als de bejaarde Frieda vertellen het verhaal. Het is haast onvoorstelbaar dat nog maar 60 jaar geleden een ongetrouwde zwangere vrouw werd behandeld als een ongewenste asielzoeker.

‘Ik dacht het al bij binnenkomst.’ Ze keek me zo strak aan dat haar hoofd zachtjes begon te wiebelen op haar nek. Het lukte me om brutaal terug te kijken, maar ik moest mijn hand bedwingen om mijn buik niet aan te raken. ‘Ik ben al sinds de oorlog hospita en ik pik jullie er zo uit. Ik verhuur geen kamers aan meisjes zoals jij.’

Tijdens het lezen van Frieda’s zoektocht naar een veilig onderkomen kreeg ik het gevoel dat de schrijver de erbarmelijke situatie waarin de jonge vrouw belandt zwaar aanzet waardoor het verhaal een Dickensachtige allure krijgt.

Alle ramen van de eerste verdieping waren dichtgetimmerd met oude deuren. Maar het krothuis moest bewoond zijn, want uit provisorische schoorsteenpijpjes langs de ramen walmde rook.

Het verhaal is uitermate knap geschreven, geen woord teveel, geen zin te weinig. Grote complimenten aan de schrijver voor zijn inlevingsvermogen. Je moet het maar kunnen; als man de gevoelens beschrijven van een jonge zwangere vrouw en die van een vrouw in de nadagen van haar leven.

Een melancholiek verhaal dat raakt.

Jaap RobbenSchemerleven. ISBN 978-90- 445-4838-9, 309 pagina’s, 309 pagina’s. € 23,99. Amsterdam: Uitgeverij De Geus 2022.

Geplaatst in Alle Boeken, Fictie | Reacties uitgeschakeld voor Schemerleven

Kankerfinale

Autobiografie van een geplaagde patiënt

Het spook van de PSA.

Met Kankerfinale schreef Job ter Steege een heel bijzondere autobiografie. De rode draad in dit boek is het verhaal van zijn prostaatkanker. De ontdekking, de onderzoeken en de behandelingen. Het verslag van de kanker wordt regematig onderbroken door zogenaamde entre’actes. Dat maakt het boek afwisselender en minder zwaar. De entre’actes handelen over zijn jeugd, studie, leraarschap en vooral de passie van zijn leven: muziek. Veel ruimte is er ook voor andere kwalen en ongelukken, wat een pechvogel.

Auteur

Job ter Steege (1948) studeerde muziekwetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en het aan hoofdstedelijke Conservatorium. Gedurende 43 jaar was hij muziekdocent en daarnaast was hij 30 jaar methodiekleraar en stagebegeleider bij het conservatorium. Ook schreef hij columns en publiceerde hij over muziekonderwijs. In 2019 schreef hij Navarra, een boek over vakantieplezier. Van 1916 tot 2021 recenseerde Job ruim 600 boeken voor deze internet-boekensite.

Het boek Kankerfinale had als titel ook ‘Het spook van de PSA’ kunnen hebben. Als na plasklachten eindelijk Jobs PSA wordt gemeten is de uitslag vernietigend: 382! Er volgen direct allerlei onderzoeken die alle leiden tot de diagnose prostaatkanker. De uroloog geeft hem aanvankelijk nog één jaar, maar corrigeert dat later naar vijftien jaar. Het is prachtig te lezen hoe de boodschap wordt verwerkt: een verwenetentje met zijn vrouw die ook nog voorstelt  een nieuwe auto te kopen. Dat doet Job direct. Hij verheugt zich op zijn nieuwe ‘scheurmonster’, een Seat Toledo Sport. Na een paar dagen wordt deze geleverd en dan: We gaan scheuren. Therapeutische vroem-vroem. Zo, dàt zal die kanker leren.

In de eerste helft van het boek wordt zeer gedetailleerd beschreven hoe zijn behandeling in het AMC te Amsterdam verloopt. De hoofdstukken worden aangeduid met ‘Klote kanker’. Zijn verslag staat vol data, tijdstippen en andere feiten. Hij noemt zijn behandelaars en verpleegkundigen (met initialen). Hij beschrijft hoe ze hem behandelen en heel uitvoerig vertelt hij over het dagelijkse vervoer per Connexxion van Santpoort naar Amsterdam. Van bijna elk reisje wordt gezegd of ze op tijd waren en hoe de reis verliep. Keer op keer komt de taxi te laat en moet hij bellen met een juffrouw van Connexxion. Hij moet 35 keer bestraald worden. Dat duurt zeven weken, in de weekends is hij vrij. Het is een heel zware tijd. Naast de bestralingen is er ook nog de hormonale therapie. Deze behandeling heeft een paar vervelende bijwerkingen: je krijgt regelmatig opvliegers en je potentie en de lust om te vrijen verdwijnen. Heel openhartig en uitvoerig vertelt Job hoe erg het is om zo iets essentieels te moeten missen. De schrijver heeft de gewoonte om uitstapjes te maken naast de hoofdtekst. Bij dit onderwerp vertelt hij over de zangers die op jeugdige leeftijd gecastreerd werden om hun hoge stem te behouden. Overigens hebben de bestralingen en de hormoonkuur resultaat. Hij is genezen en het ‘zevenjarig bestand’, mijn ‘kankervakantie’ breekt aan.

Met de vele entr’acties heeft de schrijver twee bedoelingen: de vertellijn over kanker onderbreken, anders wordt het te zwaar. Hij wil tegelijkertijd een volledig overzicht geven van zijn leven, dus ook de vele ziekten en ongevallen. Natuurlijk mogen de onderwerpen muziekdocent en muziek zeker niet ontbreken. Niet voor niets noemt hij muziek een strijdmakker die me nooit in de steek liet. Over de vele entr’acties kun je van mening verschillen. Voor degenen die alles willen weten van de persoon Job ter Steege is dit allemaal interessant. Als iemand echter, aangelokt door de titel, een boek over een prostaatkankerpatiënt wil lezen, zal deze misschien wat minder gelukkig zijn met deze onderbrekingen van het ziekteverhaal.

De grootste pech lijkt ontegenzeggelijk de terugkeer van de kanker: het spook van de PSA manifesteerde zich weer. Een chemokuur moet de kanker overwinnen. Die kuur vindt plaats in het Spaarne Gasthuis in Hoofddorp. Dichtbij, daarom dit keer eigen vervoer. Opvallend is dat Job in het algemeen over dit ziekenhuis wat positiever is. Ook over het eten is hij heel positief. De behandeling zelf valt mee, hoewel de ijskoude hoofdtooi wel onaangenaam is. Wel zijn er bijverschijnselen door de begeleidende medicijnen. Alle tien behandelingen worden beschreven. Als de kuur beëindigd is, is het spannend wat de PSA-waarde is. Die is teleurstellend hoog. Nieuwe medicatie en nog een chemokuur kunnen hem drie extra maanden geven. Job besluit hier op in te gaan. Hij beseft heel goed dat het einde nadert. In het gesprek met de dokter vraagt hij hoe lang hij nog heeft. Het opvallende antwoord: genoeg tijd om ruzies bij te leggen en leuke dingen te doen.

Mooie stukken schreef Job over zijn beroep als muziekleraar. Duidelijk is zijn liefde voor de leerlingen en het lesgeven. Kennelijk deed hij dat zo goed dat het conservatorium stagiaires stuurde en hij zelf muziekdocenten ging opleiden. Opvallend in zijn lessen is de gewoonte de leerlingen jazzliedjes te leren. Dat hij gewaardeerd werd, is duidelijk door de waarderende woorden van oud-leerlingen die hij tegenkwam in het ziekenhuis als verpleegkundige. Een vermakelijke anekdote gaat over de meest barre vergissing in zijn carrière als muziekleraar. Op een keer vergist hij zich in de klas. Hij denkt een tweede klas atheneum voor zich te hebben maar het is een brugklas. De brugklas krijgt de les die voor de tweede klas was bedoeld. Geen enkele leerling zegt er iets van.

Veel schrijft Job over muziek: de muziekschool, zijn instrumenten, pianoles en het conservatorium. Jazz is zijn grote liefde. Trots is hij dat hij ooit in 1965 een concert bijwoonde van Louis Armstrong in Blokker. Meespelen in een band vindt hij fantastisch. Nu speelt hij nog piano in de Senioren Big Band Kennemerland. Zijn drang om te spelen gaat heel ver. In het boek vertelt hij dat eens speelde met een gebroken sleutelbeen. Gelukkig is zijn Keltische klauw (een krom gegroeide hand) geen belemmering.

Wat het boek lezenswaardig maakt is dat de schrijver ondanks de dramatiek een lichte toon hanteert. De tekst bevat bovendien veel humor. Een paar citaten. Toen na een paar dagen de ketel nog een pietsie lekte, kon ik het niet inhouden en riep: ‘Dit kan ik er in mijn doodsstrijd niet bijhebben!’ Op een lerarenfeestje was nogal herrie. Flink wat collega’s hebben daar geen last van omdat ze de herrie waarschijnlijk kennen van hun lessen. Job was soms ongeduldig. Een mooie vergelijking: Als een brugger die bij de conrector bovenbouw informatie inwint over het maken van een profielwerkstuk voor zijn eindexamen.

Job ter Steege schreef een indrukwekkend boek over zijn belevenissen als kankerpatiënt: eerlijk en authentiek. Soms zijn er gruwelijke details. De auteur excuseert zich als volgt: Het spijt me dat ik de lezer hiermee moet lastig vallen, maar de beschrijving van kanker vraagt het uiterste, ook van de lezer.

Job ter Steege – Kankerfinale. ISBN 978-94-646-5721-0, 296 pagina’s, € 21,51. Amsterdam: Brave New Books 2022.

Geplaatst in Autobiografie, Geen categorie, Ziekte | Reacties uitgeschakeld voor Kankerfinale

Wij waren, ik ben. Weg uit Ruinerwold

Gezin in de greep van een gestoorde vader

Kindermishandeling via religie.

Op zondag 13 oktober 2019 verlaat Israel van Dorsten de boerderij waar hij – met zijn broers en zusjes – negen jaar heeft vastgezeten. Hij heeft zijn vertrek goed voorbereid en via internet allerlei informatie ingewonnen over welzijns- en hulpverleningsinstanties. Ook heeft hij via de computer kennisgemaakt met de buitenwereld die hem jarenlang volkomen vreemd was. Hij heeft korte, voorzichtige nachtwandelingen gemaakt, het erf af, strikt verboden terrein, stiekem, zonder dat vader thuis het zou merken. En nu is hij er klaar voor. Hij kan, mag, wil en móet ontsnappen. En dan is het zover. Hij loopt naar het dorp Ruinerwold, hij heeft besloten dáár de politie te bellen. Hij gaat een café binnen. Een oord vol verderf volgens vader. Van daaruit zet hij de stap naar zijn bevrijding.

De rest van het verhaal is bekend bij iedereen die kranten en tv-nieuws volgt. Het woord ‘Ruinerwold’ is voor velen niet alleen meer de naam van een dorp in Drenthe, maar vooral een woord dat staat voor een boerderij waar een vader het bestond zijn kinderen vele jaren lang opgesloten te houden. Vader was ervan overtuigd dat hij een afgezant was van God, zijn kinderen werden geheel in deze godsdienstwaanzin meegevoerd. Het ene na het andere kind werd beschouwd als vertolker van woorden van geesten, zij spraken de woorden van reeds lang overleden personen, veelal ontsproten aan vaders fantasie.

Het verhaal van ‘de boerderij van Ruinerwold’ trok zoveel belangstelling, dat er ook een documentaire-reeks werd gemaakt, De kinderen van Ruinerwold. Daarin kwamen de levens van de broers en zusjes van de schrijver van dit boek ook uitgebreid naar voren: hoe sta je op, hoe kom je geestelijk weer overeind na jarenlang geestelijk zó zwaar mishandeld te zijn.

Auteur

Israel van Dorsten (1994) is de vierde van de negen kinderen uit het gezin. De oudste drie werden door vader wegens hun ‘slechte invloed’ uit huis gezet. Zij hadden een deel van hun leven via een normale school kwade ideeën opgedaan, mochten de jongere kinderen niet daarmee besmetten en moesten weg. Daarna werden het vijfde kind en na deze jongen Israel als vierde, slachtoffer van vaders waanzin en moesten als medium voor hem werken. Ging dat niet naar vaders zin dan waren zijn straffen gruwelijk en hardhandig.

Nadat Israel was gevlucht werd hij opgevangen in Friesland in een gezin van hulpverleners. Zij hielpen hem een plek in de wereld te vinden als normaal mens: iemand die durfde te gaan wandelen, andere mensen ontmoeten, vriendschappen op te bouwen. Israel studeerde een jaar Film- en Audiowetenschappen in Amsterdam, nu studeert hij sociologie aan de Universiteit van Utrecht.

Israel van Dorsten schrijft zijn eigen verhaal, niet het verhaal van zijn broers en zusjes die elk anders, maar even hardvochtig, door vader werden bejegend. Het is in uitgebreide vorm het verhaal dat ieder kent die deze zaak vanuit het nieuws gevolgd heeft of de documentaire gezien heeft.

Wat mij betreft had het bij de documentaire kunnen blijven. Ik vind dit te veel van het goede. Mensen die echt gegrepen zijn door de zaak Ruinerwold zullen hiervan misschien genieten, voor mij hoeft het niet. Het is, om in de sfeer van de boerderij en de bewoners te blijven, een regelrecht gebed zonder end.

Israel van Dorsten tracht via dit boek, in samenwerking met de stichting Het Verdwenen Zelf, aandacht te vragen voor de slachtoffers van geestelijk geweld, jaarlijks 700.000 personen volgens de stichting. Psychisch geweld kan levenslang doorwerken. Levert dit boek een bijdrage tot begrip daarvoor, dan is Israel in zijn streven geslaagd.

Israel van Dorsten – Wij waren, ik ben. Weg uit Ruinerwold. ISBN 978-94-9330-423-9, 296 pagina’s, €24,99. Amsterdam: Uitgeverij Pluim 2022.

Geplaatst in Alle Boeken, Autobiografie | Reacties uitgeschakeld voor Wij waren, ik ben. Weg uit Ruinerwold

De bron van Liefde

Leven na de hel van 40-45

Christelijk geloof als troost voor overlevenden.

De sinds kort moederloze elfjarige Peggy vindt in 1937 een zwerfhondje. Het diertje troost haar, ze houdt hem en noemt hem Buster. Als de kleine hond wordt aangereden en ernstig gewond raakt is zij radeloos. Maar overbuurman dierenarts Barnett en zijn zoon Jimmy, die ook voor dierenarts studeert, weten de hond te redden, zij het dat het dier het voortaan met één poot minder moet doen. De hond weet zich zo prima te redden en Peggy is dolgelukkig. Niet lang daarna breekt de oorlog uit en Jimmy moet als arts/hospik in het leger dienen. Als hij terugkomt na de oorlog is hij geestelijk een wrak. Hij doet zelfs een poging een eind aan zijn leven te maken en wordt daarna opgenomen in een psychiatrische kliniek waar allemaal veteranen met PTSS verblijven. De psychiater die hem behandelt heeft zware behandelingen op zijn planning staan.

Jimmy’s ouders en Peggy zijn radeloos, zij willen Jim helpen. Peggy, inmiddels twintig, gaat op zoek naar oude legerkameraden, in de hoop van hen te horen waardoor Jimmy zo veranderd is. Van Joe, die zij het eerst ontmoet, hoort zij dat Jimmy zijn patiënten altijd opvrolijkte met verhalen over de hond ‘Driepoot’, die zich ondanks zijn handicap staande hield in het leven. Driepoot diende hen allemaal als voorbeeld. Ook verleende Jimmy zijn vrienden steun door zijn eigen, onwankelbare christelijke geloof. Maar als Peggy, op bezoek bij haar jeugdvriend, dat laatste aanhaalt, lijkt zijn geloof in het niets verdwenen.

In Jimmy’s bagage vinden zijn ouders een foto van een meisje, achterop staat de naam Gisela. Zou zíj de oplossing kunnen geven voor Jimmy’s immense somberheid? Leeft zij nog? Wie is zij? Waar verblijft zij? Vriend na opgediepte vriend begint Jimmy steun te verlenen, maar van Gisela heeft niemand gehoord. En dan komt in ‘De bron van liefde’ toch Gisela Wolff tevoorschijn, een joods meisje uit Berlijn, dat in mei 1939 met haar ouders en zusje uit Duitsland vlucht. Zij krijgen plaats op een cruiseschip dat 973 joden vervoert naar Cuba; van daaruit willen ze verder reizen naar Amerika. Zij is het meisje van de foto.

Auteur

Lynn Austin is de bestsellerauteur van historische en bijbels-historische romans. Ze won acht Christy Awards, de meest prestigieuze prijs voor christelijke romans in de V.S. Haar werk wordt in Nederland graag gelezen, zij verkocht hier inmiddels zo’n 400.000 boeken. Geloofsvraagstukken en -antwoorden en Bijbelcitaten vormen de leidraad voor haar hoofdpersonen en voor haar veelal christelijk lezerspubliek.

Voor een niet-gelovige is het even wennen, die duidelijke band van romanfiguren met het geloof. Ik zou zeggen: zet u er niet tegen af, maar neem het mee in het verhaal met het respect dat een gelovige verdient. Austin heeft de neiging tot preken, er is soms een dominee-schrijver aan het woord, maar dat is haar opzet ook.

Daarnaast is zij een uitmuntend en beeldend romanschrijver. Ze bouwt haar verhaal fraai op, houdt het spannend en neemt haar lezers mee in het wel en wee van de oorlog en de nasleep van dat drama. Moed, geloof en vriendschap vormen de pijlers van dit mooie verhaal.

Een aangrijpend boek.

Lynn AustinDe Bron van Liefde. Vertaald uit het Engels (Long Way Home) door Carola van der Kruk – de Boer. ISBN 978-90-297-3304-5, 459 pagina’s, €25,99. Utrecht: KokBoekencentrum 2022.

NB Het genoemde cruiseschip is de St. Louis, dat vaart onder leiding van kapitein Schröder. Hij wil zijn reizigers per se redden. Dat lukt niet voor ieder van hen. Kapitein Schröder is een ware held, hij heeft echt bestaan. In Kevin Prengers recente boek In de schaduw van Schindler, Jodenhelpers uit Nazi-Duitsland worden zijn heldendaden en die van vijf andere Duitse joden-redders uitgebreid beschreven. Lees en bewonder zijn werk, als onmisbare bijlage bij dit verhaal.

Geplaatst in Alle Boeken, Tweede Wereldoorlog, Ziekte | Reacties uitgeschakeld voor De bron van Liefde

Zolang de stad maar vrolijk is

Een andere kijk op de werkelijkheid

De dichter observeert.

De vierde dichtbundel van Co Woudsma is wat betreft thematiek zeer verschillend. Dat geldt ook voor de vorm. Het meest zien we nog tweeregelige gedichten. In vele gedichten komen ook eenregelige versregels voor. Soms worden gedichten daar mee afgesloten. De gedichten zijn veelal sympathiek en over het algemeen vrij toegankelijk, veel berusten op waarnemingen. De dichter is een meester in het scheppen van mooie beelden. De bundel bestaat uit vier afdelingen met de volgende, soms raadselachtige titels: Een grasveld is een woestijn, Ik vergeef dat je een lichaam hebt, De doden: ze bestaan, Frisse elementen.

Auteur

Co Woudsma (1960) is dichter en docent poezië. Hij publiceerde de dichtbundels Viewmaster, Geluksinstructies en Hoogste zomer. Het Parool vond Hoogste zomer de beste Nederlandstalige bundel van het jaar. Samen met filosoof Klaas Rozemond en tekenaar Jet Nijkamp maakte hij de boeken Filosofie voor de zwijnen en Het aardse leven. Zijn gedichten verschijnen regelmatig in literaire tijdschriften.

Veertig gedichten. Al lezend blijkt dat sommige je direct aanspreken. Ik noem er een paar. Japonaiserie is volkomen helder en zeer origineel. De gedachte dat je met één slag van een samoeraizwaard van alles af bent.

Het zou toch kunnen: in één slag

van alles af

een verheven einde

door liefelijke hand?

Snel staal dat door mijn nek heen glijdt

Solo. Ook een helder en treffend gedicht. Iemand die alleen in een groot huis woont, snakt naar gezelschap.

Ik at ooit met een ander mens

nu tafel ik met de tv.

Veel gedichten bevatten ook raadselachtige zinnen die moeilijk te doorgronden zijn.  

In een grijzige straat dragen tien,

vijftien mannen met bivakmutsen

iemand uit een woning in een auto.

Ik zwaai terug.

Raadselachtig, maar wat een mooi beeld.

De meeste gedichten bevatten humor of ironie. Dat geldt bijvoorbeeld voor Kappen, een gedicht over een knipbeurt bij de kapper. Hoe is het mogelijk dat je over zo’n onderwerp zo’n leuk gedicht maakt.

Er staat iemand aan me te zitten,

knipt dode haren doormidden,

stukjes Co vallen op de vloer.

Romantiek en tederheid zijn ook tegenwoordig, bijvoorbeeld in Midgetgolf.

De grote jongen zit zelf op kickboksen

en  geeft mij stootjes en trappetjes

zo zachtjes.

Een kus zou harder zijn.

Mooi en ontroerend is Laatste wil  dat over zijn stervende moeder gaat.

Een heerlijke bundel.

Co Woudsma – Zolang de stad maar vrolijk is. ISBN 978-94-922-4150-4, 60 pagina’s, € 18,95. Utrecht: Uitgeverij Magonia 2022.

Geplaatst in Alle Boeken, Poëzie | Reacties uitgeschakeld voor Zolang de stad maar vrolijk is

Het komt goed

Geruststelling via de dieren uit Tellegens mooie bos

Zelfs zwaarmoedigheid is een glimlach waard.

Iedereen die tobt, ziek is of net uitziekt, op zwart zaad zit of wat dan ook, knapt op van een welgemeend schouderklopje, van een aai over zijn bol en van de woorden: geloof mij nou maar, het komt goed. Want zo ís het meestal ook, wat niet goed gaat, kómt meestal wel goed. Een diepe zucht van verlichting! In dit mooie kleine boekje van grootmeester-schrijver Toon Tellegen staan allemaal ‘zucht-van-verlichting-verhaaltjes’. Heerlijk om te lezen.

Het is altijd erg moeilijk om uit zo’n boek vol kleine parels favorieten te kiezen. En toch kan ik het ook dit keer niet laten. Zo is er het heerlijke verhaal van het nijlpaard dat er hevig naar verlangt iemand beter te maken. Hij gaat zijn mede-bosbewoners langs. Ondervraagt hen of zij écht nergens aan lijden. Heeft de egel geen pijn aan zijn stekels, heeft de olifant geen slurfverhoging, de krekel geen voelsprietontsteking, de karper geen kou op zijn kieuwen, de reiger geen snavelkramp en de giraffe geen last van aanvallen van bleke steeltjes? Hij gaat nog meer dieren af. Ze zijn allemaal gezond. Het nijlpaard voelt zich grijs en ontzettend vergeefs. Hij holt uit frustratie in volle vaart de rivier in. En als hij na lange tijd weer boven komt, is dat nare gevoel voorbij. Hij heeft zichzelf beter gemaakt. En hij voelt zich gelukkig.

Nog een. Ik kan het niet laten. Omdat ik bij het lezen ervan moest denken aan de watersnood in Zuid-Limburg en ontdekte dat Tellegen dat vertaalde op zijn eigen onweerstaanbare manier. Het regende vele dagen en het dierenbos kwam onder water te staan. Het hele bos stond blank en het water stroomde onder de deuren van de dierenhuizen door. De egel dacht eerst dat hij verloren was, daarna kwam hij op het idee te gaan varen. Hij zette zijn tafel ondersteboven, ging erin zitten en voer het bos in. Daar kwam hij honderden varende dieren tegen die allemaal op omgekeerde tafels zaten. Ze vormden samen een hele vloot, ze zongen een lied over golven, ze riepen Áhoi!’ en zwaaiden naar elkaar. Ze voeren de zee op en later, toen het water zakte, voeren ze terug naar het bos en naar huis. Ze hadden de mooiste dag van hun leven beleefd. En alles was goed gekomen.

Auteur

Toon Tellegen (1941) is schrijver, arts en dichter. Zijn verhalen over de mier, de eekhoorn en de egel zijn het bekendst, maar alle dieren die als levende wezens uit zijn pen vloeien zijn figuren die zoveel menselijke trekken vertonen dat ze werkelijk leven. Eigenlijk zijn de dierenverhalen kinderverhalen, maar Tellegen is niet alleen een fantasierijk schrijver maar ook een groot mensenkenner en filosoof. Daardoor lezen volwassenen zijn boeken ook met graagte. Wie zijn boeken leest, herkent zichzelf en anderen. De schrijver ontving de Woutertje Pieterse Prijs, De Gouden Uil, en de Gouden Griffel. Zijn complete werk werd bekroond met de Hendrik de Vriesprijs en de Constantijn Huygensprijs.

Er zijn een paar grote verzamelbundels verschenen met de dierenverhalen van deze schrijver. Sinds een tijd zijn deze kleine boekjes te koop. ‘Geschenkboekjes’ is een woord om kippenvel van te krijgen, want die term wordt meestal gebruikt voor kleurrijke boekjes vol nonsens of semi-wijze spreuken.

Dat geldt niet voor deze boekjes. Niet verpakken, strik erom, klaar! Geen mooier en liever cadeau dat een geschenkboekje van Toon Tellegen.

Toon Tellegen – Het komt goed. ISBN 9-789-021-4678-818, 95 pagina’s, €10,99. Amsterdam: Querido 2022.

Geplaatst in Alle Boeken, Dieren | Reacties uitgeschakeld voor Het komt goed

En het woord werd beeld

De verhalen achter 50 klassieke films en series

Fascinerend kijkje achter de schermen.

Wist u dat de makers van de Amerikaanse film The Apartment uit 1960 zich lieten inspireren door de Britse klassieker The Encounter uit 1945 én door een Amerikaans schandaal? En hoe in 1965 de speels educatieve serie Sesame Street tot stand kwam? En hoe de door depressies gekwelde scenarioschrijver David Chase autobiografische elementen verweefde in het kijkcijferkanon The Sopranos? Zo zijn er over elke film en tv-serie prachtige achtergrondverhalen te vertellen. De auteurs kozen er 50 min of meer bekende uit.

Auteurs

Bart Juttmann (1981) is zelf scenarioschrijver en ook Marc Veenkamp schrijft voor televisie, theater en film.

Naast bovengenoemde film en series kozen de auteurs onder meer voor de films The Singing Detective, Wilde aardbeien, Monty Python’s Life of Brian, The Godfather, Die Bleierne Zeit, The Tird Man. De kleine blonde dood, All the President’s Men, De overval, Vertigo, Blade Runner, Als je begrijpt wat ik bedoel, Casablanca, Fanfare, Hiroshima mon amour, Thunderball, Citizen Kane, Lawrence of Arabia, Pulp Fiction, One Upon a Time in America, The King’s Speech en Back to the Future. Een divers geheel. Het aantal behandelde series blijft fors achter.

Het boek wemelt van anekdotes en al dan niet interessante feitjes. Zo zei Marten Toonder over ‘Als je begrijpt wat ik bedoel’: het was geen nachtmerrie. Maar als droom was-ie niet geslaagd.’ ‘Once upon a Time in America’  duurde veel te lang en moest drastisch worden ingekort. Pas nu wordt dat alsnog hersteld.

Het ‘weggeven’ van te veel meer of minder mooie zaken en conflicten uit dit boek voelt als het opschrijven van spoilers en dat doen we hier dus niet. Wie geïnteresseerd is kope dit boekje.

Een fascinerend kijkje achter de schermen.

Bart Juttmann en Marc Veerkamp – En het woord werd beeld. De verhalen achter 50 klassieke films en series. ISBN 978-90-640-3931-7, 184 pagina’s, € 19,90. Amsterdam: Uitgeverij International Theatre & Film Books 2022.

Geplaatst in Alle Boeken, Cultuur, Non Fictie | Reacties uitgeschakeld voor En het woord werd beeld

Etty Hillesum

Het verhaal van haar leven

Een beladen levensgeschiedenis.

Zeven jaar werkte Judith Koelemeijer aan de biografie over Etty Hillesum. De belangrijkste bron vormen haar dagboeken. Daarnaast zijn er nog twee brieven uit Westerbork. Koelemeijer heeft geprobeerd zo veel mogelijk informatie te zoeken. Ze heeft geprobeerd Etty’s woorden in hun context te plaatsen. Daarom onderzocht ze de oorlogsomstandigheden in Amsterdam en Westerbork, haar familiegeschiedenis en haar uitgebreide vriendenkring. Ze maakte ook gebruik van bestaand materiaal, bijvoorbeeld de interviews van Regemhardt die hij maakte met de vele vrienden en bekenden van Etty. Ze werd in haar onderzoek bijgestaan door historica Erika Prins die veel archieven raadpleegde. Zelf heeft Koelemeijer veel moeite gedaan met het zoeken naar kinderen van oude vrienden van Etty. Een belangrijke vondst deed ze bij de zoon van haar vriendin Leonie Snatager. Hij had alles bewaard van zijn moeder en zo was er ook een oorlogsdagboek van Leonie met veel informatie over Etty. De research van Judith Koelemeijer heeft tot haar verrassing heel veel onbekende feiten naar boven gebracht.

Auteur

Judith Koelemeijer (1967) is een schrijfster van literaire non-fictie. Zij brak in 2001 door met haar familiegeschiedenis Het zwijgen van Maria Zachea. Het werd direct al een bestseller. Dat geldt ook voor de volgende boeken: Anna Boom en Hemelvaart. Haar werk werd bekroond met de NS Publieksprijs en het Gouden Ezelsoor (het best verkochte literaire debuut).

Hoofdstuk 1, De man met de antenne, is geheel gewijd aan Etty’s eerste ontmoeting met Julius Spier, een psychochiroloog, die haar handen ging ‘lezen’. Hij maakte diepe indruk op haar. Ze beleefde het bezoek als een wedergeboorte. Op 3 februari ben ik ter wereld gebracht, beweerde ze stellig. Ze was toen al 27 jaar. Ze zou bij hem in therapie gaan. De therapie maakte een einde aan haar innerlijke onrust. Op zijn advies begon ze aan haar dagboek. Ze bleef hem bezoeken en geleidelijk ontstond er ook een liefdesrelatie. Haar omgang met Spier leidde ook tot een verdieping van haar geloof. Door het werken met Spier had ze zoveel kracht en Godsvertrouwen in zich verzameld, dat zij werkelijk het gevoel had alles te kunnen dragen. Etty voerde lange gesprekken met God die ze in haar dagboek aansprak als haar beste, meest intieme vriend.

In het leven van Etty speelde nog een oudere man een grote rol. Ze woonde in Amsterdam in de Gabriel Metsusstraat bij de familie Wegerif. Haar kamer keek uit op het Museumplein. Etty was het gelukkigst wanneer ze achter haar ’lieve bureau’ zat. Met de huisbaas, de weduwnaar Han Wegerif die 35 jaar ouder was, kreeg ze al snel een liefdesrelatie. Bij ‘pa Han’ voelde ze zich veilig en geborgen. Ze had hem zeer lief. Op de omslag van het boek zien we een vrolijke foto: Etty is met pa Han aan het zeilen. In april 1942 schreef Etty dat ze met pa Han ‘een huwelijksleven’ van vijf jaar achter de rug had.

Deze uitgebreide biografie geeft ons een heel goed beeld van Etty als persoon. De uitgebreide informatie over haar familie werkt daar zeker aan mee. Haar moeder Riva was in 1907 Moskou ontvlucht. Gekleed in soldatenkleding had ze de trein naar Amsterdam genomen. Voor Etty was ze een overheersende moeder. Etty voelde zich machteloos, niet gezien, gehoord en gekend. Volgens haar vriendin Johanna kon Etty zich daarom goed identificeren met de verdrukten en verschoppelingen. Haar vader was een echte intellectueel. Hij bemoeide zich nauwelijks met zijn gezin. Hij was leraar klassieke talen. In Deventer was hij rector van het gymnasium. Etty bezocht die school en kreeg les van haar vader. In Amsterdam kon Etty zich ontwikkelen als zelfstandige vrouw. Zij bleef wel bezorgd over haar ouders en broers. Dat bleef zo, ook toen ze met haar familie in Westerbork verbleef.

De belangrijkste vraag die bij je opkomt als we het leven van Etty bestuderen is ongetwijfeld de vraag waarom ze niet ging onderduiken. De biografie geeft daar veel antwoorden op. Velen hebben getracht om Etty over te halen om te gaan onderduiken. Etty vond dat vluchten of verstoppen geen zin had. Etty zag de deportaties als een massaal noodlot dat alle Joden trof en dat zij gezamenlijk moesten dragen. Het heftigste verzet bood Etty toen Klaas Smelik haar met geweld wilde ‘ontvoeren’. Hij tilde haar op en wilde haar naar de gereedstaande taxi dragen. Er ontstond zelfs een worsteling. Klaas Smelik zag al gauw in dat hij bezig was met een zinloze actie.

Volgens Koelemeijer was er voor Etty altijd maar een dunne scheidslijn tussen vriendschap en erotiek. Voor haar was de zinnelijkheid een manier om haar vriendschappen te bevestigen en te verdiepen. In haar dagboek zegt Etty: Ik heb mijn lichaam gebroken als brood en uitgedeeld aan mannen. Waarom ook niet, ze waren immers hongerig en hadden al zo lang ontbeerd. Haar intieme relaties begonnen in haar studententijd en zelfs tijdens haar verblijf in Westerbork had ze nog twee.

Het is een grote verdienste van deze biografie dat ook Etty’s verblijf in Westerbork zo uitgebreid en gedetailleerd is beschreven. We krijgen een goede kijk op de gang van zaken in het kamp. Interviews en de brieven van Etty vormden de bron. Het persoonlijke verhaal van Etty eindigt als ze op weg gaat naar Auschwitz. Bij Glimmen gooit ze een briefkaart uit de trein.. Wonder boven wonder wordt deze gevonden en verstuurd naar Pa Han. De inhoud van het laatste hoofdstuk Auschwitz berust op aannames van de auteur. Van Etty is namelijk niets meer vernomen.

Judith Koelemeijer heeft uitvoerig uitgezocht hoe het toeging in Auschwitz. Ze heeft het kamp bezocht. Ze beschrijft vier verschillende scenario’s: is Etty direct naar de gaskamers vervoerd of hoorde ze bij degenen nog enige tijd in een barak verbleven. De schrijfster vertelt uitvoerig hoe de gang van zaken was. Het zijn afschuwelijke verhalen. Het verhaal over Etty wordt op een ontroerende manier afgesloten. Het zou een troost zijn te weten dat Etty, ondanks het immense lijden in Auschwitz, haar dood rustig en innerlijk vrij in de ogen heeft kunnen zien. Dat zij haar God niet verloor, noch haar geloof in de mens en al het goede.

Een zeer complete biografie die een duidelijk beeld geeft van de mens Etty Hillesum.

Judith KoelemeijerEtty Hillesum. ISBN 978-94-638-2174-2, 574 pagina’s, € 34,95. Amsterdam: Uitgeverij Balans 2022

Geplaatst in Alle Boeken, Biografie, Tweede Wereldoorlog | Reacties uitgeschakeld voor Etty Hillesum

Toen de wereld brak

Hoofdrol voor een dode jongen in een gestreepte pyjama

Hoe een gruwelijke vader na zijn dood blijft heersen.

De 91-jarige Gretel Fernsby woont al tientallen jaren kalm en comfortabel in een luxe appartement in Londen. Haar man Edgar is overleden. Gretel heeft weinig contacten, maar lijkt niet ongelukkig. Niemand in haar omgeving kent haar verleden en dat wil ze coûte que coûte zo houden. Want Gretel werd geboren in Berlijn in 1931 en groeide op als lid van de Jungmädelbund. Haar vader had eenhoge functie in het leger; hij stond niet op het slagveld maar werd commandant van een van de meest beruchte concentratiekampen van de nazi’s. Zijn vrouw, Gretel en haar 9-jarige broertje Bruno hadden geen idee wat er achter de hekken van het kamp gebeurde. Wie al die bewoners van het kamp waren, in hun blauwwit gestreepte pyjama’s wisten ze evenmin, noch welke gruwelijke dingen daar met die mensen gebeurden. Bruno vindt er de dood. Vader wordt na de oorlog opgehangen. Moeder en Gretel vluchten na de oorlog, naar Parijs, naar Sydney, steeds nemen zij andere namen aan en verzinnen zij een andere levensgeschiedenis voor zichzelf. Uiteindelijk verhuizen ze naar Londen. Daar trouwt Gretel, maar ze vindt nooit rust. Want ze is ervan overtuigd dat zij en moeder ook ernstig gestraft zullen worden. Bovendien voelt ze zich medeschuldig aan de dood van haar geliefde broertje wiens naam zij nooit meer wil uitspreken.

Zoveel jaar later – in 2022 – komt in Londen in Gretels appartementencomplex een gezin wonen: een filmproducent, een voormalige actrice en een jongetje, Henry, even oud als Bruno toen hij stierf. Dat grijpt Gretel aan. Als ze ontdekt dat de vader het gezin geestelijk en lichamelijk mishandelt besluit ze Henry te beschermen in een soort halfslachtige poging iets ‘goed te maken’. Maar de vader van Henry ontdekt wie Gretel in werkelijkheid is en er volgt een zeer onaangename confrontatie. Gretels misdadige vader heeft haar hele leven beheerst, en nu blijkt dat ze nog steeds niet van hem af is.

Auteur

John Boyne (1971) is een Ierse schrijver en journalist. Hij studeerde aan de University of Dublin en de University of Norwich waar hij de Curtis Brown Price won. Hij debuteerde in 2000 met The Thief of Time, in Nederland uitgegeven onder de titel Dief van de Tijd. In 2006 werd hij wereldberoemd met zijn roman The Boy in the Striped Pyjamas, De jongen in de gestreepte pyjama. Boyne schreef dit boek aanvankelijk voor Young Adults, om tieners meer begrip bij te brengen van de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Maar het boek werd bij jong en oud een groot succes. Boyne werd er wereldberoemd door. Alleen al in het Nederlandstalige gebied zijn er 350.000 exemplaren verkocht, wereldwijd 7 miljoen. Het boek is in 57 talen vertaald en werd in 2008 verfilmd. Het is de meest vertaalde Ierse roman aller tijden. Boyne schreef tot nu toe twintig romans.

Wie eenmaal een wereldsucces heeft geschreven zal dat niet gauw een tweede maal herhalen. En toch heeft Boyne het aangedurfd om een vervolgroman te schrijven op zijn wereldsucces De jongen in de gestreepte pyjama. De jongen heette Bruno, zijn zusje Gretel. Boyne beschrijft Gretels leven sinds de oorlog en het feit dat ze de last van de oorlog, van de misdaden van haar vader en tegenover alle joden continu als een zware last op haar schouders draagt. Ze zal nooit meer écht gelukkig zijn. Bruno, wiens naam ze verzwijgt, wandelt dagelijks door haar leven: als een negenjarige jongen die ze lang geleden had moeten beschermen.

De parallel is getrokken. Van Bruno naar Henry. Van verleden naar heden. Van misdaad toen naar misdaad nu, van de vader van Bruno (en Gretel) naar de vader van de kleine Henry.

Dit is een hartverscheurend verhaal, ongelooflijk empathisch, ontroerend én spannend geschreven. Een boek om ademloos in door te lezen, omdat je wil weten hoe het Gretel vergaat, de vrouw die als tiener door haar vader getekend werd voor haar leven. Straf voor een vijftienjarige?

Dit boek over schuld, medeplichtigheid en rouw stelt de lezer ook deze vraag: kijk je een kind op de daden van ouders aan, mág je dat überhaupt wel?

Zelf heb ik het eerste deel na lezing van dit boek opnieuw aangeschaft. De boeken zijn uitstekend los te lezen, maar vormen samen een prachtige bundeling van onschuld en schuld en de roep daarbij van het geweten.

John BoyneToen de wereld brak, vertaald uit het Engels (All the Broken Places) door Anke Frerichs en Ton Heuvelmans. ISBN 9-789-029-09687-4, 410 pagina’s, €22,99. Amsterdam: Meulenhoff 2022.

Geplaatst in Alle Boeken, Fictie, Tweede Wereldoorlog | Reacties uitgeschakeld voor Toen de wereld brak

De verkeerde kleur

Over een lange en een korte politieke loopbaan

Grimmige politieke satire.

Dit boek behandelt de politieke carrières van twee leden van Provinciale Staten van Zeeland, behorend tot dezelfde fractie, de grootste in de Staten, van een vooraanstaande politieke partij.

Fractievoorzitter Huib Jansen is het prototype van de ambitieuze beroepspoliticus, die lang dacht ooit minister-president te worden, maar dit doel naar beneden moest bijstellen. Via de Leidse gemeenteraad, het wethouderschap en het lidmaatschap van Provinciale Staten van Zuid-Holland greep hij naast de functie van gedeputeerde omdat ‘De Partij’ in de oppositie belandde. Hij kwam een enkele keer op de kandidatenlijst voor de Tweede Kamer, maar op een weinig eervolle plaats. ‘Stem op de laatste blanke man op de lijst’, grapte hij er wrang over. Uiteindelijk verhuist hij naar zijn geboorteplaats Westkapelle omdat hij verwacht dat de woke-cultuur minder doorgedrongen is tot Zeeland, dat hij als springklank wil gebruiken om alsnog Kamerlid te worden.

Nigisti Yohannes werd geboren in Rotterdam uit gevluchte Eritrese ouders. Ze assimileerde snel en ontwikkelde zich tot een briljante middelbare scholiere. Als rechtenstudente in Leiden raakte ze bevriend met Charlotte van Cimmenaede, die haar als een persoonlijk project ging zien en haar onder de aandacht bracht van mensen die ertoe deden in ‘De Partij’. Nadat ze met haar ouders naar Zoutelande was verhuisd belandde ze, gepusht door Charlotte, via de eerstvolgende verkiezing vrijwel moeiteloos in Provinciale Staten.

Auteur

Tekstschrijver Roelof Smit (1985) is bekend met de plaatselijke, provinciale en landelijke politiek. Dit boek is zijn derde roman.

De provinciale fractie blijkt zowel voor Huib als voor Nigistu een slangenkuil, zoals zovele fracties dat in de praktijk blijken te zijn. Het verdere verloop van het verhaal moet u zelf lezen.

Politieke insiders zullen veel passages uit dit boek herkennen. Zoals de vergadering waarin de kandidatenlijst voor Provinciale Staten wordt vastgesteld: ‘Aanvullend zou ik erop willen wijzen, dat de heer Dieleman de enige boer in de top tien is…Dat is een al wat magere score voor onze Partij in Zeeland. Laten we tenminste de voortreffelijke boer die we wél hebben een stukje hoger zetten.

‘Huib heeft vernomen dat Bout-Adriaanse de afgelopen vier jaar als Statenlid niets heeft gepresteerd, maar opnieuw op de lijst is gezet omdat er niemand anders uit de gemeente Tholen beschikbaar was. Ze oogt inderdaad niet als een toonbeeld van bekwaamheid.’

Ook de impact van de journalistiek voor de carrières van zowel Huib als Nigistu wordt uitgebreid en geloofwaardig geschetst. En hoe moet je als integer politicus omgaan met ‘redelijk’ aandoende suggesties van de populisten? Huibs echtgenote Marijke is er snel klaar mee.

Yohannes zit nog in een extra spagaat. Ze heeft niet alleen te maken met haar politieke mede- en tegenstanders, maar ook nog met de tot op het bot verdeelde Eritreeërs in Nederland. Bovendien krijgt ze na een controversiële beslissing als fractiewoordvoerder een hoop racistische stront over zich heen.

Een goed leesbare en angstig herkenbare satire. (Aanstaande) politici doen er goed aan er kennis van te nemen. Een must voor iedereen die de Nederlandse politiek een beetje of een beetje boel volgt.

Roelof Smit – De verkeerde kleur. ISBN 978-94-6381-148-4, 205 pagina’s, € 20,99. Amsterdam: Uitgeverij Podium 2022.

Geplaatst in Alle Boeken, Cultuur, Politiek | Reacties uitgeschakeld voor De verkeerde kleur