Musch

Intriges, corruptie en nepotisme in de 17e eeuw

De machtsstrijd tussen prins Willem II en de gewesten van de Verenigde Nederlanden.

Het is december 1650. Twee jaar na de Vrede van Munster, het einde van de 80-jarige oorlog tegen Spanje. Cornelis Musch, griffier van de Staten-Generaal, schrijft zijn gedenkschrift waarin hij zijn zelfgekozen dood aankondigt en verslag doet van de gebeurtenissen van het afgelopen jaar. Niets, maar dan ook niets, zal ik in dit geschrift verzwijgen.

Jacob de Witt, vader van Cornelis en Johan, voert een gesprek met zijn zonen terwijl ze in een koets door Den Haag rijden. Jacob is pensionaris van Dordrecht, één van de hoogste ambten. Hij is voorstander van het afschaffen van de troepen nu de oorlog is afgelopen en komt daarmee tegenover stadhouder Willem II te staan. Tijdens de tocht krijgt hij een uitnodiging om zich de volgende dag, voor de vergadering van de Staten van Holland, bij de prins te melden.

Aanvoerders krijgen opdracht hun troepen in het geheim naar Abcoude te verplaatsen om van daaruit een aanval op Amsterdam te doen met als doel de macht van het gewest Holland te breken. Laat geruchten verspreiden dat Tromp met schepen het IJ heeft afgesloten. Vertel dat er nog meer troepen uit het land hiernaartoe onderweg zijn. Maak ze bang, die Amsterdammers! Het plan mislukt omdat een deel van de troepen in zeer slecht weer bij Hilversum de verkeerde afslag neemt. Amsterdam heeft lucht gekregen van de plannen en heeft zich verschanst.

Auteur

De illustrator, striptekenaar en cartoonist Jean-Marc van Tol (1967) studeerde af in de Historische Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam bij Herman Pleij. In 2007 startte hij zijn eigen uitgeverij Catullus met als doel zo veel mogelijk stappen in het uitgeefproces in eigen hand te houden. Bij het grote publiek is hij vooral bekend als de tekenaar van Fokke en Sukke.

‘s Morgens blijkt dat Jacob de Witt, samen met vijf andere regenten van Holland, gevangen wordt genomen. Zij worden naar slot Loevestein gevoerd waar zij niemand mogen zien of spreken. Pas wanneer zij hun ambten neerleggen zullen ze worden vrijgelaten.

In zijn geschrift beschrijft Musch hoe hij door chantage de hand van de 16-jarige dochter van raadpensionaris Cats heeft gekregen. Het huwelijk is een grote ramp, wat hem niet echt deert. Hij heeft de intentie om de belangrijkste en invloedrijkste man van de Republiek te worden. In Den Haag wemelde het van de buitenlandse vertegenwoordigers en allemaal wisten ze dat ze maar bij één man terechtkonden voor deugdelijke inlichtingen: de altijd ijverige griffier der Staten-Generaal, de nederige heer Cornelis Musch.

Nu de geplande aanval op Amsterdam mislukt is gaat Willem II zelf de onderhandelingen voeren. De belangrijkste eis is dat Amsterdam de prins moest steunen in zijn wens het leger te behouden. Musch weet er door gekonkelfoes 15.000 gulden aan over te houden. Verder onderhoudt hij een vriendschap met Brasset, een afgezant van Frankrijk. De heren vinden elkaar in het voornemen de Republiek de oorlog te laten verklaren aan Spanje, waarna de landen gezamenlijk tegen Engeland strijd zullen voeren om de schoonfamilie van Willem weer op de troon te krijgen.

Cornelis en Johan doen er alles aan om hun gevangen vader weer vrij te krijgen. Wanneer Johan met behulp van zijn connecties Jacob de Witt weet over te halen zijn ambten toch neer te leggen, kan deze terugkeren naar Dordrecht.

De prins vermaakt zich in de tussentijd met de jacht op zijn landgoed te Dieren. Hij wordt echter erg ziek en men brengt hem naar Den Haag. Door klysma’s, purgaties en aderlatingen denkt zijn arts hem te kunnen genezen (ook in die tijd al een ouderwetse geneeswijze). Het mag echter niet baten en Willem II overlijdt op de leeftijd van vierentwintig jaar en zes maanden. Het vermoeden bestaat dat hij door toediening van gif om het leven is gekomen.

Nog voor zijn dood heeft de prins opdracht gegeven Musch de toegang tot het Stadhouderlijk Kwartier te weigeren. In zijn kantoor worden alle papieren op last van de Staten-Generaal door zijn vijand Adriaan Pauw in beslag genomen: er wordt een diepgaand onderzoek ingesteld naar zijn handel en wandel. U staat alleen. Laat mij u nu een advies geven: als ik u was zou ik me gedeisd houden en bidden tot God. U mag blij zijn dat u niet wordt gearresteerd. Als de prins nog had geleefd had hij u vast en zeker in de Gevangenpoort gegooid, lopende het onderzoek. Door zelfmoord te plegen denkt hij wraak te kunnen nemen op een ieder die hem in de weg gestaan heeft, maar ook dat gebeurt niet. Zijn tegenstanders worden veelal gerehabiliteerd. Omdat de zoon van Willem II pas acht dagen oud is komt het eerste stadhouderloze tijdperk in de republiek tot stand.

In dit lijvige boekwerk, het eerste van drie delen rond Johan de Witt, staan de gebeurtenissen van 1650 centraal. Vanuit diverse gezichtspunten word je erin meegetrokken: ten eerste door Musch zelf, maar zeker ook door uittreksels van dagboeken en memoires van diverse lieden, pamfletten en door het verhaal dat de auteur zelf uit alle door hem bestudeerde documenten heeft weten te destilleren.

Voor iemand die belangstelling heeft voor de geschiedenis van ons land is het een waanzinnig interessant boek. Het geeft inzicht in de karakters van de hoofdrolspelers, hun motieven en daden, hun verheven taal en gebruiken. Je ziet ze voor je, zoals ze zich bewegen in de nasleep van de 80-jarige oorlog. De meeste hoogwaardigheidsbekleders zijn uit op hun eigen gewin: Musch in hoge mate, maar ook bijvoorbeeld Amalia van Solms, de moeder van Willem II, probeert zich te verrijken door dan de ene, dan de andere kant van de strijdende partijen te kiezen. Eigenlijk komt alleen Johan de Witt als een integer persoon naar voren.

Twee puntjes van kritiek: het zou duidelijker zijn de ‘Dramatis personae anno 1650’ alfabetisch neer te zetten; er lopen namelijk nogal wat mensen in dit boek rond. Verder zou een lijst met bronnen ook welkom zijn.

Ik kijk met verlangen uit naar deel twee van de trilogie: Buat.

Jean-Marc van Tol – Musch. Johan de Witt trilogie I. ISBN 978-94-92409-34-8, 510 pagina’s, € 24,95. Soest: Uitgeverij Catullus 2018.

Dit bericht is geplaatst in Alle Boeken, Geschiedenis. Bookmark de permalink.