Nicotine

Leven tussen dampende krakers

Obsessieve speurtocht naar kern van het bestaan

In de Colombiaanse havenstad Cartagena, midden tussen het vuilnis, hoedt de dertienjarige Amalia wat varkens als ze wordt aangesproken door Norm, een Amerikaanse 50+ man. Hij redt haar uit haar deplorabele bestaan en ze volgt hem gewillig. De man heeft geen kwade bedoelingen, maakt nooit misbruik van haar. Amalia wordt verliefd op hem. Ze trouwen als zij 18 jaar oud is. Hun dochter Penny – Norm is dol op zijn kleine ‘koala’ – speelt twintig jaar later de hoofdrol in Nicotine. Penny is afgestudeerd econoom, ze is ‘normaal’, heel anders dan Amalia die lid is van een Zuid-Amerikaanse indianenstam en een drukke baan heeft en Norm, een joodse sjamaan die een psychedelisch holistisch centrum leidt. Als Norm sterft en Penny dakloos wordt, mag ze van de familie (Norm had zoons uit een eerdere relatie) haar intrek nemen in vaders geboortehuis waar zijn ouders stierven. Na hun dood heeft Norm nooit meer naar het huis omgekeken; het pand is zwaar verwaarloosd en er woont en merkwaardig maar opgewekt stel krakers. Zonder te melden dat zíj de eigenaar is van het huis, trekt Penny bij hen in.  Het huis heeft de naam ‘Nicotine’ gekregen, de bewoners vechten voor de rechten van rokers en Penny, die vrolijk meerookt, wordt zonder problemen opgenomen in het vreemde gezelschap.

Nu ze los is van haar ouders wordt Penny overspoeld met vragen. Zo heeft ze Norm altijd voor haar vader aangezien, maar Amalia heeft het – zo komt ze te weten – vóór haar relatie met hem aangelegd met zijn zoon Matt. Zou dat betekenen dat niet Norm maar haar stiefbroer haar vader zou kunnen zijn? En, heel andere kwestie, hoe moet ze omgaan met de bewoners van Nicotine als de man op wie ze verliefd wordt aseksueel blijkt, de vrouw die haar dat vertelt lesbisch en haar meesleept in een hartstochtelijke relatie en de aseksuele man wel geniet van het zien van hun vrijpartijen? Het zijn merkwaardige situaties waarin Penny moeizaam haar weg zoekt. Als Matt en Amalia zich ook nog eens seksueel gaan bezighouden met haar nieuwe huisgenoten, wordt het er niet overzichtelijker op.

Auteur

Nell Zink (1964) is een Amerikaanse schrijfster die op haar vijftigste debuteerde met The Wallcreeper (De rotskruiper), in eigen beheer uitgegeven. Voor haar tweede boek, Mislead (Misplaatst), kreeg ze een officiële uitgever. Dit is haar derde boek.

‘Opgewekt, hard en absurdistisch’, zó zou ik dit boek willen kenschetsen. Neem de scene waarin ze als kind haar veel oudere halfbroer Matt stoort bij zijn vrijpartij met zijn vriendin. Ze loopt naakt naar zijn kamer, de verstoorde (eveneens naakte) Matt stopt haar terug in bed. De volgende dag zegt ze tegen Norm ‘Pap, Matt probeerde me te verkrachten’. Reactie: ‘En? Is het gelukt?’ ‘Nee’. ‘Dan heeft hij het niet echt geprobeerd.’ Als ze vader de scène beschrijft, vindt hij het ongelooflijk grappig. Ze moet nooit meer in haar blootje iemand gaan storen, want seks is heel intiem. En daarmee is alles gezegd.

Seks, anarchistische rokers, bezit en doelloosheid, wie is mijn vader? Om deze thema’s draait het boek. Ondanks de duidelijke thematiek weet de auteur weinig samenhang in het verhaal aan te brengen. Ze springt van de hak op de tak waardoor het (nogal rare) verhaal dun en zweverig blijft.

Geen boek wat de lezer bijblijft.

Nell Zink – Nicotine. Vertaald uit het Engels (Nicotine) door Gerda Baardman. ISBN 978-90-263-3514-3, 312 pagina’s, €21,99. Amsterdam: Ambo | Anthos 2017.

Dit bericht is geplaatst in Alle Boeken, Fictie. Bookmark de permalink.